[TNO-logo]
Museum logo

MUSEUM "WAALSDORP"

Meetstation Roeleveense Plas, Nootdorp en de 216TP5R

 

Op zoek naar diepte

In verband hiermede bleek de meetinrichting op het vlot in de Waalhaven niet meer aan de eisen te voldoen. Het water was ter plaatse niet diep genoeg, het achtergrondlawaai was te hoog door de nabijheid van scheepsverkeer en havens en bovendien was de afstand tussen het laboratorium en Rotterdam onpraktisch groot. Met gebruikmaking van dezelfde pontons werd daarom in 1953 een nieuw vlot vervaardigd. Dit vlot werd verankerd in een kustmatig zoetwatermeer nabij Nootdorp in de Roeleveense Plas. De rustige omgeving en de grote diepte (20 m) kwamen ten goede aan de kwaliteit van de metingen.
Dit vlot was tevens geschikt gemaakt voor metingen aan sonardoms {een "dom" is een stroomlijnvormige omhulling van de transducent die dient om het stromingsgeruis te verminderen).

Hoewel dit meetstation aanvankelijk aan alle wènsen voldeed bleek na een aantal jaren toch dat nogmaals een vervanging nodig was. De ontwikkeling van de sonartechniek leidde van de zoeklichtsonar met één enkele te richten bundel naar de "panoramische" sonar, dat wil zeggen een combinatie van een aantal vaste bundels in een enkele transducent. Het tweede element in de ontwikkeling werd gevormd door het gebruik van lagere frequenties. Beide factoren gecombineerd hadden tot gevolg dat transducenten en doms aanzienlijk omvangrijker en zwaarder werden. Het vervoer hiervan naar het vlot kon dus niet meer zoals voorheen per roeiboot geschieden. Daarom werd omstreeks 1960 besloten om een groter vlot te construeren in dezelfde plas met een vaste (drijvende) verbinding met de oever. Deze inrichting werd ontworpen om objecten met maximale afmetingen van 2x2x4 m en een gewicht van 5 ton te kunnen beproeven. Dit vlot werd in 1961 in gebruik genomen.


Meetstation Nootdorp met hijstoren en pontonbrug

Panoramische transducent

In 1958 is begonnen met de constructie van een panoramische transducent voor een lage frequentie met bijbehorende apparatuur. Een dergelijke transducent was toen in Nederland niet aanwezig en de bedoeling van deze omvangrijke onderneming was om eigen ervaring te verkrijgen met de fundamentele problemen die aan een dergelijk ontwerp zijn verbonden. De transducent, die niet bedoeld was als pre-productie model, werd opgebouwd uit 216 zeskantige, elkaar steunende, elementen, verdeeld over 36 kolommen van elk zes elementen, geplaatst in een cilindervorm. Met deze panoramische transducent kan over een bakshoek (=kaarthoek) van 360 graden rondom uitgezonden en ontvangen worden. De resonantiefrequentie was 5 kHz en het totale gewicht 2800 kg.


Panoramische transducent 216TP5R

Deze transducent kwam in 1964 gereed; de hieraan uitgevoerde metingen hebben aanzienlijk bijgedragen aan de kennis, die benodigd was om de toekomstige gebruiker van dergelijke transducenten te kunnen bijstaan met gefundeerde adviezen. Hetzelfde geldt voor de elektronische apparatuur die nodig is om zo'n transducent te kunnen gebruiken.
De werking is als volgt: van de kolommen wordt een derde deel, 12 kolommen overeenkomend met 120 graden van de totale omtrek, gebruikt bij uitzending en ontvangst. Door elektronische omschakeling van de 12 kolommen kunnen de geluidbundels rondom in 36 richtingen worden ingesteld en waarbij er met behulp van vijf vaste vertragingslijnen voor wordt gezorgd dat ondanks het gebogen front van de transducent er een vlak golffront van het geluid wordt verkregen.

Het laboratorium produceerde onder meer twaalf zenders met ieder een vermogen van circa 1 kW met de daarbij behorende afstemspoelen.

In het schema is de gestippelde boog 120 graden. De vijf vertragingslijnen zijn D kolom 2 en11, D kolom 4 en 9, D kolom 6 en 7, D kolom 5 en 8, D kolom 3 en10. De lengte van de vertragingslijnen D geeft de maat van de vertraging aan.

 

Peats uit de vaart

In 1961 werd het duidelijk dat de oude ”Paets van Troostwijck" niet lang meer zijn diensten als varend beproevingsplatform zou kunnen vervullen. Toen tenslotte bleek dat de sloop van het schip onafwendbaar was, werd door de Koninklijke Marine als vervanging een vaste beproevingsinstallatie in Hoek van Holland ter beschikking gesteld. Deze bestaat uit een steiger met een hijsmechanisme en een onderkomen voor de apparatuur. Deze steiger is via een vaste loopbrug verbonden met een laboratorium aan de vaste wal. Uiteraard werden tevens de nodige voorzieningen getroffen voor het verplaatsen en hijsen van zware lasten. De bovengenoemde experimentele transducent werd, na afloop van de metingen in Nootdorp, met de bijbehorende apparatuur op dit meetstation beproefd. Sinds 1966 doet deze installatie dienst voor proefnemingen met sonarapparatuur.
 

acoustic

     


Museum logo