[TNO-logo]
Museum logo

MUSEUM "WAALSDORP"

Theoretisch en praktisch onderzoek

 

Na de negatieve resultaten van een eerste onderzoek en het niet aanwezig zijn van literatuur over onderzoek aan luistertoestellen is Van Soest begonnen met het uitvoeren van systematische geluidsmetingen. Hij onderscheidde hier drie belangrijke onderwerpen: het menselijk vermogen tot richtinghoren, het vermogen van luistertoestellen om goed richtinggevoelig te detecteren en de invloed van de atmosfeer op het geluidtransport.

Van Soest begon met de eenvoudigst mogelijke middelen het onderzoek van het menselijk vermogen om de richting van een geluidsbron vast te stellen. Bedenk dat elektronische middelen òf niet beschikbaar òf primitief waren.

Testen van een proefpersoon met de luisterslang, reeds bij de krijgsmacht in gebruik voor aanwezige fabriekstoestellen, geeft een beeld over de geschiktheid als luisteraar om met een luistertoestel de richting van een geluidsbron te kunnen bepalen. Van Soest stelde het grote belang vast van het tijdverschil tussen de signalen op ieder oor voor het horen van richting. Met de luisterslang kon men vaststellen in welke mate een proefpersoon goed kon richtinghoren. De luisterslang, waarvan één exemplaar in het museum aanwezig is, is een van de componenten waarvan we vóór de archiefstudie de betekenis niet begrepen. Het is een slang van ongeveer een meter lengte met aan het uiteinde twee houten doppen en op het midden van de slanglengte een streep. Op de foto is te zien hoe de test werkt. De proefpersoon links zet de doppen op zijn oren, sluit zijn ogen en luistert. De keurmeester rechts tikt met een voorwerp op de slang. De proefpersoon moet zeggen of het geluid van links, van rechts of van recht vooruit komt.

[Luisterslang]
De "Luisterslang" gebruikt tijdens beproeving met een vrijwilliger

Bij de testen die Van Soest en zijn eerste medewerker Piet Groot hebben uitgevoerd, stelde Van Soest vast dat Groot zo’n goed richtingsgevoel had, dat hij de nauwkeurigheid van zijn richtinghoren niet kon vaststellen. Even naast de streep gaf Groot de goede richting aan.

In de museumverzameling is echter een stukje messing staaf aanwezig waarop om de 2 mm een streepje staat. Van Soest zaagde de luisterslang op de streep door en schoof de nieuw ontstane uiteinden een stukje over de messing staaf. De geluidssnelheid is in messing ongeveer tien maal zo hoog als in de lucht in de slang. Gaat men nu tikken op het messing dan is een schaalvergroting van een factor 10 verkregen, 1 mm op de slang is tien mm op de messing staaf. Van Soest stelde vast dat Groot een tijdverschil van 1 microseconde in de aankomst van het geluid tussen linker- en rechteroor kon horen, wat overeenkomt met een richtingsgevoeligheid van ongeveer 1 graad. Van een veteraan, die in 1939 - 1940 bij de Krijgsmacht heeft gediend, hebben we later gehoord, dat bij de test met de luisterslang bij de troep de slang bij de proefpersoon achter zijn rug omliep en hij dus zijn ogen open kon houden.

In het museum liggen twee plankjes met aan de bovenzijde een dot was met daarin een gebitafdruk. Het archief gaf uitkomst; het waren de afdrukken van de gebitten van Van Soest en van Groot en deze plankjes werden bij de tonproef gebruikt. In het duin was een grote ton ingegraven waar een van hen gehurkt in kon zitten waarbij het hoofd net boven de rand uitstak. Op de rand van de ton was om de dertig graden een vastzetinrichting voor de plankjes aanwezig. Op enige afstand van de ton stond een geluidsbron. De proefpersoon hurkend in de ton zette zijn tanden in zijn wasafdruk van het op de rand van de ton vastgezette plankje, stak een vinger in een van zijn oren en luisterde met het andere oor naar de geluidsbron, die langzaam langs een rechte lijn van de ton af werd bewogen. Als het geluid niet meer te horen was, stak de proefpersoon een vinger op en werd de afstand genoteerd. Met de tandklem vervolgens ingeklemd op de andere hoeken werd zo het gevoeligheidsprofiel rondom het hoofd van beide oren gemeten.

Een van de resultaten van het onderzoek was dat de gebruikelijke grote afstand tussen twee geluidopvangende elementen van een luistertoestel voor de gemiddelde goede luisteraar onnodig was.


Van Soest in de ton met de tandklem in zijn mond.


Gevoeiigheidsprofiel van een oor van Van Soest en Groot

 

Eerste experiment
Het eerste experimentele luistertoestel van het Meetgebouw gemonteerd op Goerz onderstel
(volledige weergave 166 kb)


Experimenteel luistertoestel
type van Soest
(volledige weergave 166 kb)



Artikel "STEREAOCOUSTISCHE GELUIDSBEELDEN EN KLEINST WAARNEEMBARE TIJDSVERSCHILLEN
door J. L. VAN SOEST en P. D. GROOT", 05-02-1929 (ingescande versie)

Artikel "RICHTINGSHOOREN BIJ SINUSVORMIGE GELUIDSTRILLINGEN" door J. L. VAN SOEST en P. D. GROOT (ingescande versie)

     


Museum logo